Шукаєте відповіді та рішення тестів для Nederlands 2? Перегляньте нашу велику колекцію перевірених відповідей для Nederlands 2 в elearning.condorcet.be.
Отримайте миттєвий доступ до точних відповідей та детальних пояснень для питань вашого курсу. Наша платформа, створена спільнотою, допомагає студентам досягати успіху!
Réécris la phrase complète en choisissant correctement entre "om te" ou "voor".
Hij neemt contact op (een probleem / melden)
Remets les mots dans l'ordre pour former une subordonnée correcte (réécris la phrase entièrement).
Wij vertrekken zodra vinden / wij / een oplossing.
Donne le participe passé (VTT) de "marcher".
Réécris la phrase complète en choisissant correctement entre "om te" ou "voor".
Deze verpakking is (dit nieuwe product)
Complétez la phrase en mettant l’adjectif au superlatif. Réécrivez la phrase complète.
Hij werkt in (modern) kantoor van het bedrijf.
Donne le participe passé (VTT) de "frapper".
Réécris la phrase complète en choisissant correctement entre "om te" ou "voor".
Hij gaat naar de supermarkt (een drankje / kopen)
Complétez.
De internet
is vandaag niet goed. (connexion)Réécris la phrase complète en choisissant correctement entre "om te" ou "voor".
Ik heb een cadeau (mijn collega) gekocht omdat zij jarig was
Réécris la phrase complète en choisissant correctement entre "om te" ou "voor".
Hij heeft een rapport (de directie) geschreven nadat hij alle gegevens heeft geanalyseerd